De N203 tussen Uitgeest en Castricum heet al jaren de dodenweg: vier kilometer tweebaansweg door de weilanden, 80 km/u, flauwe bochten, regelmatig ongelukken — soms met dodelijke afloop. De ANWB riep hem in 2014 uit tot onveiligste weg van Noord-Holland. Er zijn sindsdien maatregelen genomen, maar de weg ligt er in de kern nog hetzelfde bij. Nu heeft de provincie een voorkeursplan klaar. Veehouder en bollenboer Arnold Res uit Castricum piekert er niet over om zijn grond zomaar te verkopen.
Het plan: één rijstrook per richting, een middenstrook waar hulpdiensten langs de file kunnen, een fietspad van vier meter breed, maximumsnelheid blijft 80. Kostenraming volgens Res: zo’n 35 miljoen euro. Hij ziet liever 60 km/u plus trajectcontrole — veiliger zonder dat landbouwgrond verdwijnt. Met andere aanwonenden pleit hij daar al langer voor. “Maar de provincie hoort ons aan en doet dan toch wat het zelf wil,” zegt hij. Liever een dure oplossing dan een simpele rem op het gaspedaal.
Voor de verbreding is extra grond nodig. Res werkt alleen mee als hij goede landbouwgrond terugkrijgt, geen cheque. Buurman Harm Terra zei eerder al tegen NH: elke vierkante meter is heilig. Dat is geen sentimenteel boerenpraatje; het is de realiteit van een bedrijf dat van die meters leeft. Ondernemersvriendelijk beleid begint bij de boer die de grond moet leveren — niet bij een envelop met compensatiegeld.
Eind november organiseert de provincie een informatieavond in Uitgeest. Officieel besluit volgt in 2027; verkeer over het nieuwe traject pas rond 2034. Dat is een lange adem voor een weg die al twaalf jaar als gevaarlijk te boek staat. Veiligheid verdient prioriteit — maar wie denkt dat je een dodenweg alleen met asfalt en miljoenen doodt, moet eerst langs de weilanden van Res. Grond ruilen mag; grond opeten zonder fatsoenlijke ruil niet.