In 1977 vonden Velsense amateurarcheologen bij de huidige Wijkertunnel een skelet in een waterput. Daar lag ooit Castellum Flevum, het Romeinse fort. Destijds dachten onderzoekers: gesneuveld in de Friese opstand van 28 na Christus. Bijna vijftig jaar later heropende archeoloog Mark Driessen — gespecialiseerd in het Romeinse Rijk — de zaak met collega Carol van Driel-Murray en studenten. Wat ze vonden, klinkt meer als een thriller dan als een veldslag.
De man was begin twintig en zo’n 1,90 meter lang: enorm voor die tijd. Waarschijnlijk is hij in de put gedumpt en in een hurkhouding terechtgekomen; de ruimte was te smal om liggend te passen, anders dan de tekeningen uit 1977 suggereerden. In het bekken, aan de rugzijde, zitten uitzonderlijk veel littekens van steekwonden van een Romeinse dolk. Forensisch experts zeggen tegen Driessen: dat deden Friezen in een gevecht niet. Eén steek in hart of keel was meestal genoeg. Er lag wel een gebroken dolk bij het lichaam, maar niets wees op gevechtskleding.
Isotopenonderzoek aan het glazuur van zijn kiezen wijst op herkomst uit Zuidoost-Europa, niet uit deze regio. De steken in de onderrug waren niet diep en niet dodelijk, wél met kracht gezet — waarschijnlijk om te mishandelen en te vernederen, terwijl hij voorover gebukt zat. Later kwam een diepe steek in de buik; die werd hem vermoedelijk fataal.
In het opgegraven materiaal zaten vliegenresten. Een specialist van Naturalis concludeerde dat de man tussen de acht en achttien dagen bloedend bovengronds heeft gelegen, al dan niet al overleden, voordat hij in de put belandde. Bovenop gingen stenen — mogelijk om de moord te verdoezelen.
Scenario’s genoeg. Tacitus schreef dat deserteurs publiekelijk vernederd, mishandeld en gedood werden. Of manschappen keerden zich na een veldslag tegen een onderofficier die hen in levensgevaar had gebracht. Driessen is eerlijk: dé waarheid staat niet vast. Het gezicht is gereconstrueerd door Maja d’Hollosy. Op de locatie liggen meer menselijke resten die vragen oproepen. Regiogeschiedenis met een cold-caseplot — en een handvat voor wie later wél de laatste puzzelstukjes vindt.
Bron: NH Nieuws